Een verhaal over hoogmoed, hebzucht en liefde

Met de opening van Baron 1898 in de Efteling heeft Jacques Vriens een nieuwe boek geschreven met het verhaal achter de nieuwe Efteling attractie. Laatst heb ik dit boek gekocht en ben ik het wezen lezen.

Het boek

Op de omslag van het broek prijkt de vrije val van Baron 1898. Dit is omlijst door de pilaren van de schattoren. Verder staan er het voorportaal, de schoorsteen en de twee hoofdpersonen op afgebeeld. De voorkant vind ik er erg mooi en passend uitzien. Leuk ook de details die op de kaft te vinden zijn. Achterop het boek staat daarnaast nog een goudklompje en postcheque Baron 1898 afgebeeld. Het boek heeft 175 bladzijden en 21 hoofdstukken. Er staan verschillende soorten afbeeldingen in. Zo zijn er ontwerptekeningen te vinden van het gebouw, het loonlokaal, het ophaalgebouw en het kleedlokaal. Sommige van deze ontwerptekeningen zijn nog niet op andere manieren online gepubliceerd behalve in dit boek. Daarnaast zijn er nog wat foto’s uit de attractie te vinden en wat detail tekeningen die je ook in het echte ophaalgebouw kunt vinden. Wat wel even wennen is dat als het verhaal zich onder de grond afspeelt de bladzijden ook zwart worden en de letters wit.

Het verhaal

*Onderstaand stuk bevat spoilers!*

Het verhaal begint in het najaar van 1893 met Gustave Hooghmoed die een plek zoekt om te overnachten. In het dorp Heikant komt hij een meisje tegen genaamd Doortje die hem verwijst naar herberg de Zonnedauw. Gustave is namelijk op weg naar Zuid-Amerika om de liefde van zijn leven, Doloris te zoeken om mee te trouwen. In de herberg verteld hij aan de zoon van de herbergier, Jochem, dat hij nooit meer de boot naar Antwerpen kan halen. Jochem verteld hem dat hij wel over de Zompige Heide en het Hoge Woud kan lopen om een stuk af te snijden. Over de zompige heide doen verschillende verhalen de ronde. Zo zouden er Witte Wieven leven die sommige reizigers de grond in zouden sleuren om nooit meer terug te komen. Nu was de zompige heide ook een moeras maar Jochem wist er de wissels te vinden waardoor ze het veilig konden oversteken.  Gustave laat zich overhalen door Jochem en de volgende dag gaan ze over de zompige heide heen. Op de grens met het Hoge Woud ligt een heuvel die bij de dorpsbewoners bekend staat als de Heksenbult. Gustave ziet hier iets waardoor hij dichter bij de heuvel wil kijken. Als ze er naar toe lopen begint het erg te waaien. Gustave bedankt Jochem en zegt dat hij weer naar de herberg moet gaan voordat het gaat regenen. Jochem vertrouwt het niet helemaal en gaat op een afstandje kijken wat er gaat gebeuren. Als Jochem zogenaamd weg is gaat Gustave de heuvel in en vind hier een klompje goud. Ondertussen hoort en ziet hij de Witte Wieven en kan hij nog maar net op tijd ontsnappen voordat de tunnel instort. Als achter Gustave de tunnel is ingestort gaat hij met het klompje goud naar Antwerpen toe zonder Jochem gedag te zeggen.

Het verhaal gaat vier jaar later verder in 1897. Doortje heeft een verloofde, Teun en Jochem heeft een relatie met Berbel. Als ze allebei in de herberg werken komt er een deftige reiziger aan. Doortje en Jochem komen er al snel achter dat het Gustave is van vier jaar geleden. Als ze vragen naar zijn naam doet hij afstandelijk en zegt hij dat hij vanaf nu Baron Hooghmoed heet en verteld hij over zijn plannen van een goudmijn die hij wil laten bouwen op de Zompige Heide. Als de baron zich even terug trekt op zijn eigen kamer komen we erachter waarom hij zo afstandelijk is geworden. Het was namelijk de schuld van Doloris die hem had ingeruild voor een rijke bankmedewerker in Zuid-Amerika. Hier was hij zo boos door geworden dat hij besloot om zijn achternaam die Hooghmoed was nu met trots te dragen. Hij maakte plannen om een goudmijn te openen op de Zompige Heide om zo schatrijk te worden.

Als de werkzaamheden aan de mijn beginnen maken sommige mensen zich wel zorgen. Zo wordt er een mensenschedel opgegraven, stroomt er bloed uit de muren, verschijnen er hele grote spinnen en is er heel veel witte mist. Op een dag komt een mijnmedewerker naar boven schreeuwend dat hij de Witte Wieven heeft gezien en ze hem wouden meenemen in een verlaten mijngang. Als de baron dit hoort is hij onverbiddelijk en ontslaat hij de man. Tijdens de bouw komt Jochem elke dag wat eten en drinken vanuit de herberg naar de baron brengen in de goudmijn. Zo kon hij de bouw goed volgen. Ondertussen blijkt Baron Hooghmoed een oogje te hebben op Doortje en vraagt hij of ze voor hem het huishouden wil gaan doen. Dit vind Jochem niet kunnen aangezien hij stiekem Doortje ook wel leuk vind.

Als na al het werken de goudmijn opent in oktober 1898 besluit de baron de spookverhalen over Witte Wieven voor eens en altijd de kop in te drukken en gaat hij als eerste de mijn in. Maar volgens de regels mag je als kompel niet alleen de mijn in. Daarom vraagt hij Jochem mee. Jochem wil eerst niet aangezien hij doodsbang is voor spinnen (die er volgens de geruchten ook zijn) maar besluit uiteindelijk om toch mee te gaan. Als de baron en Jochem beneden in de mijn zijn aangekomen horen ze het gezang van de Witte Wieven en stort een deel van de gang waar ze zitten in. Dit horen de mensen buiten en daar ontstaat paniek. Doortje hoort het ook en wil de mijn in gaan om Jochem te redden. Ze wordt hier tegengehouden door de liftportier en uiteindelijk besluit ze bij de Heksenbult een ingang te zoeken naar de mijn. Teun vind het maar niks dat Doortje zo graag Jochem terug wil vinden maar Doortje is erachter gekomen dat ze stiekem ook verliefd is op Jochem en niet op Teun.

In de ingestorte gang krijgt Baron Hooghmoed waanbeelden van Witte Wieven die tegen hem zeggen dat hij honderden jaren zou moeten zoeken naar goud in de mijn. Gelukkig zien ze uiteindelijk licht en blijkt het Doortje te zijn die ze bevrijd. Als ze buiten staan besluiten Doortje en Jochem om het dorpje Heikant te verlaten en de wereld te ontdekken. Hiervoor krijgen ze een klompje goud mee van Baron Hooghmoed en een landkaart. Het boek besluit uiteindelijk dat de Baron steeds meer nieuwe kompels nodig heeft voor zijn mijn en dat je daarom van harte wordt uitgenodigd om deel te nemen.

Goed boek

Natuurlijk kende ik het verhaal al voordat ik het boek had gelezen aangezien ik de film had gezien die tijdens de persopening van Baron 1898 op YouTube verschenen was. Zelf vind ik het verhaal uit het boek leuker. In de film hebben ze sommige stukjes weggelaten zoals de moeilijke relatie tussen Jochem en Doortje. Het boek vertelt dit zeer leuk en kon mij boeiend houden van begin tot einde. Het verhaal past ook leuk bij de attractie en dat stukje aan het einde kon je wel opmaken dat je werd uitgenodigd om Baron 1898 zelf in de Efteling te ervaren. Zo kan ik als enige besluiten dat voor menig Efteling-fan/boekenwurm dit een erg goed boek is. Maar wat wil je anders dan Jacques Vriens al schrijver.

Jelmer

Deze diashow vereist JavaScript.

Geef een reactie